Werkbaar werk in coronatijden

Werkbaarwerk
Marjon Meijer
Auteur: Marjon Meijer

“De coronacrisis heeft aangetoond dat flexibiliteit en wendbaarheid cruciaal zijn voor bedrijven,” schreef Peter Hinssen afgelopen week in een column in De Tijd. “Natuurlijk zal niet iedereen deelnemen aan de gig-economie, maar voor veel mensen zal het zelf kunnen bepalen hoe, wanneer en hoeveel ze werken bijzonder aantrekkelijk worden.”

De geforceerde flexibiliteit en wendbaarheid van corona leggen vooralsnog veel uitdagingen bloot. Professor HRM Peggy De Prins toonde in haar presentatie op het webinar ‘Innovatieve Arbeidsorganisatie, what’s in a name?’ vandaag een reeks krantenkoppen die berichten over ‘minder bevlogenheid’, ‘mensen lopen leeg’, ‘twee weken vakantie en nog altijd doodmoe’ en verdeeldheid op de werkvloer. Corona blijft geen ideale proeftuin, nu we ook buiten het werk onze sociale boekhouding niet geregeld krijgen. Maar als we naar het werk kijken, ziet De Prins dat voor de bedrijven die al langer inzetten op Innovatieve Arbeidsorganisatie (IAO), meer flexibiliteit en wendbaarheid wél gepaard gaan met hogere kwaliteit van arbeid.

Van crappy people reflex naar structurele verandering en werkdrukdialoog

Wat is nu precies die IAO? Seth Maenen van Workitects legt uit: “Binnen bedrijven heerst er vaak een crappy people reflex: als er slecht wordt gepresteerd, denkt men dat dat komt omdat ze geen mensen in huis hebben om op dat niveau te presteren. Dat is misleidend: vaak zijn slechte prestaties contextgebonden. Veerkracht bijvoorbeeld, wordt gezien als een persoonsgebonden eigenschap, terwijl veerkracht ook kan ontstaan door succeservaringen.” IAO analyseert een organisatie als een systeem, pakt de verschillende bouwstenen ervan aan en stelt structurele veranderingen voor, die er vaak toe leiden dat coördinatielijnen dichter bij elkaar komen te liggen – om zo de prestaties te verbeteren.  

Om de kwaliteit van de arbeid tegelijkertijd met die prestaties te verbeteren, stelt De Prins voor dat we meer moeten investeren in ‘werkdrukdialoog’. “Er gaat teveel energie naar wat er moet gebeuren in de job en te weinig energie naar wat er kan gebeuren in de job.” Hier ziet De Prins een belangrijke rol voor de sociale partners, een nieuwe rol waar het Hinssen in zijn column – die ‘Vakbond 2.0’ heette – ook om te doen was. De Prins: “Niet in conflict, maar in een kritische vriendschapsrelatie.”

Loopbaancompetenties

Een systeemverhaal dus. Tegelijkertijd moeten we ook erkennen dat 9% van de mensen zich obsoleet voelt op het werk, zegt De Prins, wat zoveel betekent als dat ze voelen dat hun competenties verouderd zijn. In een rondetafelgesprek georganiseerd door BSAE gisteren, waren vertegenwoordigers van VOCAP, HR Lab en Federgon het erover eens dat loopbaanbegeleiding op het werk van groot belang is – en dat het in coronatijden wellicht niet zo evident is dit goed te organiseren.

En het zijn niet enkel de mensen die zich bewust zijn van verouderde skills die nood hebben aan begeleiding en opleiding: “Als we met meer mensen langer moeten werken in een veranderende maatschappij, dan zullen we nog meer aandacht moeten hebben voor de individuele loopbanen. Skills en competenties zullen steeds opnieuw moeten worden geactualiseerd, gerecycleerd en ontwikkeld voor nieuwe ervaringen,” stelt Paul Verschueren van Federgon in een recente whitepaper met advies voor de beleidsmakers.

  • Hoever staan we met reskilling en upskilling tijdens corona? Wat zijn good practices van online samenwerking waarbij werkkwaliteit en leermomenten ontstaan? Hierover hebben we het graag met jullie op de VOV-Pitstop van januari. Doe mee!
  • Tips voor Werkbaar Werk tijdens corona? SERV maakte een overzicht. De afbeelding bij dit artikel komt uit de improvisatietheatervoorstelling Werkbaar Werk! door Inspinazie, die via SERV te boeken is.