Hoe kies je de juiste werkvorm? Wanneer leer je meer door multimedia, wanneer minder? Hoe hou je je klas in de hand? Lesgeven vraagt meer dan een checklist. Elke klas en elke leerling is anders, en precies dat maakt onderwijs complex en verrassend. Gelukkig zijn er principes en ingrediënten die je helpen sterker voor de groep te staan. Bijna alles wat je moet weten over lesgeven van auteurs Pedro De Bruyckere, Liese Missinne en Jeroen Janssen verzamelt wat we weten uit onderzoek en ervaring, en vertaalt dat naar de dagelijkse praktijk. VOV-vice-voorzitter Tiffany Motton las en recenseerde het boek voor ons.

Auteur: Tiffany Motton
Ik schrijf al langer boekenrecensies, maar meestal gaan die over draken, magie en fictieve werelden. Non-fictie consumeer ik doorgaans al luisterend — en ja, de cognitieve wetenschappen hebben intussen lang en breed aangetoond dat lezen en luisteren grotendeels dezelfde hersengebieden activeren. Het telt dus. Ook voor mijn Goodreads-challenge.
Toen VOV lerend netwerk VZW me vroeg om het nieuwste boek van Pedro De Bruyckere te lezen — Bijna alles wat je moet weten over lesgeven aan kinderen, jongeren en volwassenen — zei ik zonder aarzelen ja. Niet omdat ik dacht dat ik “nog eens ging leren hoe lesgeven werkt”, maar omdat De Bruyckere al jaren een van de stemmen is die wetenschappelijke nuance consequent boven hypes plaatst. Op zijn blog en in lezingen ontleedt hij mythes over leren, motivatie en effectiviteit met een bijna koppige zorgvuldigheid. Dat voel je ook in dit boek.
Het lezen zelf ging trager dan gepland. Niet omdat het boek zwaar of onduidelijk is — integendeel. Het is opgevat als een toegankelijke gids, met heldere concepten uit de onderwijswetenschappen, praktijkvoorbeelden, checklists en reflectiekaders voor zowel lesgevers als beleidsmakers. Wat me vertraagde, was mijn eigen hoofd: elk hoofdstuk activeerde nieuwe ideeën, zette overtuigingen op scherp of riep herinneringen op aan eerdere leertrajecten, opleidingen en beleidskeuzes. Alsof het boek voortdurend vroeg: “En wat doe jij hier eigenlijk mee?”
Een boek voor lesgevers, trainers en coaches
Wie Pedro al langer volgt, zal weinig “radicaal nieuwe” inzichten ontdekken. Het boek bundelt en structureert concepten die voor veel L&D-professionals bekend klinken: cognitieve belasting, voorkennis, werk- en leervormen, herhaling, automatisatie, curriculumdenken. Maar net daarin zit de kracht. Opfrissing is leren — een boodschap die zo ongeveer 150 keer in dit boek aan bod komt, soms expliciet maar vaker nog tussen de lijntjes.
“Maar professioneel leren is toch iets anders dan onderwijs?”
Dat is misschien wel de meest hardnekkige denkfout die dit boek onderuithaalt. De kernboodschap die tussen de regels door loopt: wetenschappelijk onderbouwde leerprincipes zijn universeel. Wat verschilt, is context, voorkennis en doel. Niet het fundament.
Lees verder onder de afbeelding.
Een kind dat nog niet kan lezen, overspoel je niet met tekst. Maar waarom doen we dat dan wél bij volwassenen? Soms kan het werken — afhankelijk van voorkennis en leerdoel — maar vaak ook niet. Dat soort vragen sluipen voortdurend het boek binnen, zonder moraliserend te worden.
Wat ik bijzonder sterk vond, is de nuance. Neem bijvoorbeeld de focus op leefwereld en activering van voorkennis. Dat wordt vaak als een vanzelfsprekend goed gepresenteerd, terwijl De Bruyckere ook de keerzijde belicht: voorkennis kan fout zijn, emotioneel geladen of zelfs contraproductief. Grote emoties kunnen leren verdiepen, maar ook blokkeren. Die balans wordt zelden zo helder benoemd, en net dat maakt dit boek waardevol voor ervaren trainers en coaches.
Ook relevant als je niet “voor de groep” staat
Dit is geen boek enkel voor trainers. Integendeel. Voor L&D-professionals die werken rond beleid, leerarchitectuur of talentontwikkeling is dit bijna verplichte lectuur. Het boek zoomt in op samenhang in opleidingsaanbod, de rode draad tussen leerinitiatieven, en het gevaar van losstaande titels zonder gemeenschappelijke visie.
Het zet ook aan tot scherpere vragen:
- Hoe vaak betrekken we interne trainers écht bij het ontwerp van leerpaden?
- Hoe gebruiken we leerdata om keuzes te maken — en niet alleen om te rapporteren?
- En misschien de meest confronterende: hoe vaak werken we bewust aan metacognitie op de werkvloer? Helpen we mensen leren leren, of volstaat “aanwezig zijn in een opleiding”?
De vertaalslag van schoolcontext naar organisatiecontext moet je als lezer zelf maken. Maar voor wie deel uitmaakt van een netwerk zoals VOV, is dat net een uitnodiging tot gesprek en collectieve reflectie.
Conclusie
In Goodreads-termen: ⭐⭐⭐⭐☆
Dit is geen boek dat je in één ruk uitleest en daarna vergeet. Het is een naslagwerk dat thuishoort in de kast van elke L&D’er — en er idealiter elk jaar opnieuw uitkomt wanneer je leerstrategie, opleidingsaanbod of didactische keuzes tegen het licht houdt. Niet omdat het alle antwoorden geeft, maar omdat het consequent betere vragen stelt.

Recensie: Bijna alles wat je moet weten over lesgeven - Pedro De Bruyckere